Historiek

Historiek

Het Jubelstadion (1930)

Het Jubelstadion of Eeuwfeeststadion, zoals de arena aanvankelijk werd genoemd, kwam er op initiatief van de toenmalige Brusselse burgemeester Adolphe Max. Hij had daar twee goede redenen voor. Hij wilde de derby der lage landen tussen België en Nederland, die doorgaans in het Antwerpse Bosuilstadion (40.000 plaatsen) werd gespeeld, definitief naar Brussel halen en het nieuwe stadion zou het kroonjuweel worden voor de viering van 100 jaar België. Het stadion werd gebouwd in het noordwesten van de stad.

 

Wielerpiste opgestookt

WielerpisteDe beslissing voor de bouw van een groot stadion met 70.000 plaatsen dat alle sporten kon huisvesten, werd genomen in 1927. Twee jaar later werd begonnen met de bouw. De officiële opening had plaats op 23 augustus 1930 met het WK wielrennen op baan. De eerste (vriendschappelijke) voetbalwedstrijd werd gespeeld op 14 september 1930. Daarin versloegen de Rode Duivels Nederland met 4-1. De eerste officiële interland volgde een klein jaar later. Op 11 oktober 1931 won België van Polen met 2-1. Er waren 40.000 toeschouwers.

Hoewel het stadion aanvankelijk bestemd was voor diverse sporten, bleek de wielerbaan nefast voor de authentieke voetbalsfeer in het stadion. En nadat de piste tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers bij gebrek aan brandstof werd opgestookt, kwam er  geen nieuwe in de plaats. De voetbalfan haalde opgelucht adem en in het stadion werden nadien tal van grote successen bij elkaar gevoetbald.

 

Het Heizelstadion (1946)

Na de Tweede Wereldoorlog werd het stadion omgedoopt tot 'Heizelstadion'. Het multifunctionele karakter bleef ondanks het verdwijnen van de wielerbaan behouden. In 1971 werd een tartanpiste aangelegd en in 1974 werd een revolutionaire lichtinstallatie opgetrokken die op dat moment een van de meest performante van Europa was. Datzelfde jaar werd tegenover de hoofdtribune een nieuwe overdekte zittribune gebouwd.

De goede naam en faam die het stadion in de sportwereld gaandeweg had verworven, werd op 29 mei 1985 in één klap weggeveegd tijdens het Heizeldrama waarbij 39 voetbalfans omkwamen. En gitzwarte dag in de geschiedenis van het stadion, het Belgische en internationale voetbal. Het stadion werd een tijdlang verboden terrein en het dossier voor de modernisering van de sportarena sleepte lang aan.

 

Het Koning Boudewijnstadion (1995)

Koning Boudewijn Stadion verbouwingenPas met de Belgisch-Nederlandse kandidatuur voor Euro 2000 kwam er opnieuw schot in het dossier. Op 25 oktober 1993 werd een protocolakkoord ondertekend tussen de federale overheid (vanwege de internationale rol van het stadion), de Stad Brussel (eigenaar van de infrastructuur), het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de vzw Tentoonstellingspark Brussel en de Koninklijke Belgische Voetbalbond. Kostprijs van de verbouwing: 37 miljoen euro.

Op de voorgevel van de hoofdtribune na werd heel het stadion platgegooid en weer opgebouwd tot een volledig overdekte arena met om en bij de 50.000 zitplaatsen. Enkel de hoeken langs weerskanten van de hoofdtribune bleven open. De naam Heizelstadion werd naar de verdoemenis verbannen en op voorstel van de toenmalige bondsvoorzitter Michel D’Hooghe werd het stadion omgedoopt tot 'Koning Boudewijnstadion' als eerbetoon aan de Belgische vorst die in 1993 plots was overleden.

Op 23 augustus 1995 werd het stadion officieel in gebruik genomen met een vriendschappelijke interland tegen het intussen eengemaakte Duitsland dat de Rode Duivels met 1-2 versloeg. Het was meteen ook de apotheose van de viering 100 jaar Koninklijke Belgische Voetbalbond.

De tweede fase van de renovatiewerkzaamheden ving aan op 27 januari 1997. Het stadion zoals we het nu kennen werd plechtig geopend op 28 augustus 1998, ter gelegenheid van de Memorial Van Damme. Vandaag zijn er in het stadion 50.122 overdekte zitplaatsen.

 

K. Boudewijnstadion